Hebben oefeningen zin?

Hebben lichamelijke oefeningen zin bij rug en nekklachten?

De beroemde rug-professor Dr. MD. Alf L. Nachemson deed daar onderzoek naar en publiceerde dat in zijn boek Backpain.

Hier is een link naar de recensie.

Het is een veelgestelde vraag in de praktijk. Het antwoord is ja en nee. Ja het is goed een goed functionerend spiercorset te hebben (Core Stability). Ja het is goed om in goede conditie te zijn. Ja “Use it or Lose it”, alles wat je niet gebruikt verdwijnt aan functie. Bv. een been in het gips, na 2 maanden is je been de helft in omvang qua spieren en zijn het aantal botbalkjes verminderd in het bot. Dit is een universeel principe voor alle organen. Je moet ook bijvoorbeeld je hersenen intensief blijven gebruiken anders neemt het denkvermogen snel af. Oudere schakers die in de zomervakantie niet spelen of trainen klagen al over achteruitgang na 2 maanden.

Het is dus altijd “beter” om goed getraind te zijn, dan niet getraind te zijn.

Echter het antwoord is ook nee, het heeft in de acute fase weinig zin. Goede spierspanning heeft nauwelijks invloed op het opvangen van de de zwaartekracht. Wij hebben géén anti zwaartekracht spieren. Wij worden naar het middelpunt der aarde getrokken volgens Isac Newton. (1720) En alles wat je in je handen hebt maakt de belasting op de tussenwervelschijven groter. Er is géén spier die dat opvangt. Je kunt een koffer niet lichter maken door je spieren aan te spannen. De loodrechte belasting naar beneden is nauwelijks door training positief te beïnvloeden. De belasting omlaag komt hoofdzakelijk terecht  op de tussenwervelschijven. De druk cq. trilling komt vervolgens via het SI gewricht op de benen. Je zou kunnen stellen dat het bevestigingspunt aan de onderkant van de schokbreker te vergelijken is met het Sacro-iliacale gewricht.

Schokbrekers

Schokbrekers

 

Over de drukopvang van de tussenwervelschijven heb ik voordrachten gehouden in Morgin (Zwitserland). Fascinerend is het dat het huidige gebruikte concept over de tussenwervelschijf onjuist is.

 

De tussenwervelschijf als schokbreker

De Tussenwervelschijf Als Schokbreker

 

Het rug schokbreker systeem in nauwelijks trainbaar !! Maar het is wèl door Moderne Manuele Therapie sterk beïnvloedbaar.

De theoretische fundering van de positieve werking van alle manuele geneeskunde ligt eraan ten grondslag.

Sport.

Uitgebalanceerde spierspanningsregulatie behoort bij uitstek bij sportbeoefening. Jaren training moet zorgen voor coördinatie en timing in de krachtsaanwending. De uitgeoefende kracht moet daarbij steeds verder opgevoerd worden. Bewegingen laten zich “programmeren” door het spierspoeltje en aanverwante receptoren.
Het bewegingspatroon ligt als een blauwdruk op geslagen in hersenen en het ruggenmerg. De beweging is meestal een geprogrammeerde reflex. Begrijpelijk omdat als we bij alle bewegingen moeten nadenken, je te laat, of niet aangepast, reageerd. De meesten van ons kennen dit fenomeen van traplopen. Eenmaal de traptreden hoogte ingesteld hebbende, zal bij elke afwijkende hoogte het automatisme verstoord worden.

Bij skispringen is het verschil tussen een goede sprong en een veel mindere sprong soms gelegen in een verschil van enkele millimeters tijdens de afzet. Een turnster die nadenkt tijdens haar oefening scoort niet hoog.
Trainers spreken over het “inslijpen” van de bewegingen.
Dit betekent in feite volautomatisch geprogrammeerd door de hersenen. Een piano bespelen met 10 vingers op tempo kan niet zonder reflex-mechaniek. Het programma blijft jaren in tact en oproepbaar. Neem als voorbeeld de Duitse verspringer, die jaren na zijn actieve carriëre, televisie kijkt naar de Olympische finale verspringen. Hij beleefde een bepaalde sprong zo intens mee dat op het moment van de afzet, hij zittend in zijn stoel, zijn achillespees afscheurt. Het spierspanningprogramma werd kennelijk ongewild aangezet.

Sporten met een scheef bekken of een verkeerd staande heup, met al haar compensatiegevolgen in de wervelkolom, zal een goede training en een optimale wedstrijd in de weg staan.
De krachten die dan op het lichaam aangrijpen zullen snel tot overbelasting en blessures leiden. Perfect inslijpen van de beweging is onmogelijk omdat de motorische blauwdruk niet klopt. Dit laatste omdat de energieopvang, gecompenseerd door spier en bandspanning, vanwege de asymmetrie niet goed verloopt.
Er is sprake van een onevenredige krachtverdeling.
Zelfs bij relatief symmetrische en cyclische belastingen zoals bij fietsen en schaatsen doet zich dit verschijnsel voor.
Bij “afzet”sporten zoals verspringen e.d., is de kans op nadelige gevolgen nog veel groter.

Nadelige gevolgen kunnen o.a. zijn:

– insertie tendinopathien,
– peesrupturen,
– myopathien,
– periostitis klachten,
– zenuwirritatie,
– hypertone spiergroepen,
– gewrichtkapsel problemen etc

Het rechtzetten of loszetten van de wervels, zonder verdere begeleiding en of adviezen is niet juist. Een slecht coördinatie systeem, een tekort schietend richting gevoel, een fout gebruik van krachten, betekenen voor de patiënt altijd een verhoogd risico op een weer opnieuw optreden van de klacht. (recidief) Lichamelijke veranderingen, hetzij door een veranderde stand van de wervels en/of andere gewrichten, hetzij door een verbeterde lichamelijke conditie, hebben altijd ook een verandering in de geestelijke conditie tot gevolg. De sporten zoals zwemmen, lopen kunnen in het algemeen geen kwaad tijdens en na de behandeling. Er kan wel enige pijn ontstaan tijdens en na het sporten. Dit kan geen kwaad en gaat weer over. Wat betreft andere sportbeoefening kunt u beter eerst overleggen.

Ten aanzien van ‘moderne’ trainingsvormen Calanettics ,Yoga, Pilates etc. het volgende:
Niet de originaliteit, niet de diversiteit, noch de zichtbare graad van inspanning, zijn de kenmerken van het nuttig effect van de oefeningen.

Alleen de doelmatigheid telt.

Ergo: Het doel moet dus bekend zijn.!
De weg er na toe om dat doel te bereiken vereist deskundigheid.

Patienten waarbij botstukken snel verschuivingen, vanwege bandzwakte, zijn niet gebaat bij Yoga.

De deskundigheid om de sprongkracht van de zwemmer Pieter van den Hoogenband te vergroten, om verder van het startblok te kunnen springen was niet aanwezig en leverde een dubbele hernia op. Jacco Verharen had de verkeerde mensen ingehuurd. (zo als zo vaak vonden die betreffende deskundigen zich uiteraard wel deskundig!!)

Om te beginnen moeten we ons een aantal zaken afvragen:

1) Wat is het begin niveau qua belastbaarheid?
Kom je net uit bed na een 4 weken ligkuur,
of ben je in training  voor de Olympische Spelen?
2) Wat is de leeftijd; 80 of 18?
3) Wat is het uiteindelijk doel; Weer normaal
functioneren, b.v. trap lopen, stofzuigen etc. of
het lichaam voorbereiden op een bepaalde
sportbeoefening en in staat stellen een
omschreven prestatie te halen? (b.v.
voor een goede tennis service heb je rompkracht
nodig).
4) Wat is de voorgeschiedenis.
De een heeft last gehad van een whiplash, de
ander last van lage rugklachten.  Zijn er
Operaties in het verleden geweest.

Oefenen is dus een individuele aangelegenheid. Van belang voor een goed samengesteld oefenprogramma is dat er niet te éénzijdig gewerkt wordt.
Een programma moet tenminste bestaan uit de volgende soorten oefeningen:
A) Armspier oefeningen zowel buigers als
strekkers.
B) Beenspier oefeningen zowel buigers als
strekkers.
C) Buikspier oefeningen.
D) Rugspier oefeningen.
E) Rek en strek oefeningen.

Verder is van belang welke belasting iemand mag krijgen. Dit betekent hoeveel minuten per keer per
oefening en hoe vaak u moet oefenen. Dit is wederom afhankelijk van leeftijd, geoefendheid, etc.
Het beste is in een door goede begeleiding geleide sportschool het een en ander te bespreken.
Zwemmen mag altijd.

De aanbeveling om door de pijngrens heen te trainen is zelden goed en vereist zoveel deskundigheid dat u dat eigenlijk nooit moet doen.